18 januari 2008
Meer Engels in
het hoger en secundair onderwijs?
Woensdag stond tijdens het actuele
vragenuurtje ook de talenregeling in het hoger en
universitair onderwijs op de agenda. De ministers Patricia
Ceysens (Open VLD) en Frank Vandenbroucke (sp.a) hielden de
afgelopen dagen immers een pleidooi om de huidige
taalregeling aan te passen, om meer onderwijs in het Engels
toe te laten. Volgens hen zou dit leiden tot een grotere
instroom van buitenlandse studenten. Voor de N-VA-fractie
nam Piet De Bruyn het woord: meer Engels is niet nodig en
bovendien niet wenselijk. Het zou immers een halt toeroepen
aan het gelijkekansenonderwijs, waarbij het toch de
bedoeling van de Vlaamse regering is om alle groepen in de
maatschappij, dus ook kansarmen en allochtonen, zo veel
mogelijk kansen te bieden om hoger onderwijs te kunnen
volgen.
De stellingname van Piet dat meer Engels in feite asociaal
is, schoot bij minister Vandenbroucke duidelijk in het
verkeerde keelgat: we waren bekrompen, het was een uiting
van een totale verkramptheid, provincialistisch en meer van
dat fraais. Jan Loones pikte dit niet en reageerde op zijn
beurt. Duidelijk zijn in een stellingname heeft niets te
maken met verkramping. Op een dergelijke manier reageren op
een voortreffelijke, eerste tussenkomst van een nieuw
parlementslid is bovendien een zelfverklaard gentleman als
minister Vandenbroucke onwaardig, vond Jan. We blijven
immers bij onze stelling dat een aanpassing van het decreet
niet nodig is. Binnen de huidige regelgeving worden nog heel
wat mogelijkheden onderbenut. Ook de kwaliteit van de
gedoceerde vakken zal niet stijgen door het gebruik van het
Engels. De kennis van het Engels bij de docenten is hieraan
niet vreemd. Wel willen we inzetten op meer promotie en
communicatie van de bestaande uitwisselingsprojecten met
buitenlandse universiteiten en hogescholen en zijn we
voorstander van het stimuleren van meertalig onderwijs,
vooral dan in het middelbaar onderwijs.
U wil reageren:
E-post:
jan.loones@n-va.be